Daniel Noteboom : Biografie
Blz. 1
Levensbeschrijving van Daniel Noteboom (26 februari 1910 - 12 januari 1932), door D. Noteboom Sr.

Daniel Noteboom werd 26 februari 1910 te Noordwijk geboren en overleed 12 januari 1932 te Londen, op nog geen 22-jarige leeftijd.
Reeds op de lagere school waren zijn onderwijzers verbaasd over zijn helder verstand, scherp inzicht en enorm geheugen.
Nauwelijks 11 1/2 jaar oud deed hij met succes toelatingsexamen voor de H.B.S. met 5-jarige cursus te Leiden om op 16-jarige leeftijd glansrijk het einddiploma te behalen.
Ditzelfde jaar werd hij ingeschreven als student wis- en natuurkunde met hoofdvak scheikunde aan de Rijksuniversiteit te Leiden.Daar studeerde hij hard tot zijn 19e jaar, legde de diverse proeven met succes af, doch had enkele tegenslagen op het laboratorium, welke het onmiddellijk afleggen van zijn kandidaatsexamen in de weg stonden.
Enigszins teleurgesteld dor deze vertraging, bood hij niet voldoende weerstand aan Caissa's verlokkingen en wierp zich met volle energie op zijn lievelingsbezigheid, het schaken, waaraan hij zijn hart reeds op dertien-jarige leeftijd verpand had.

Zijn schaakcarriere begon op ruim 12-jarige leeftijd, toen hij reeds in de 2e klasse H.B.S. zat.
Zijn eerste succesje haalde hij in Noordwijk op 14-jarige leeftijd toen hij de eerste prijs won in een wedstrijd, die daar gearrangeerd was. De prijs bestond uit een schaakbord met schaakstukken, die hij tot zijn dood gebruikt heeft en welke hem overal in het buitenland vergezelden.
In 1925 wist hij door bemiddeling van een schoolvriendje, zoon van de secretaris van het Leidsch Schaakgenootschap, toegang te verkrijgen tot de clubavond, waar men eerst niet wilde toestaan, dat zo'n jongen nog in de korte broek als lis werd aangenomen. Een der leden zei echter : "Kom maar eens bij mij aan bord zitten, dan zal ik eens zien, wat je kan". En zie, binnen een uur had hij verloren van dat joggie in de korte broek en ...... het tweede partijtje verloor hij ook. Dat vonden ze zo aardig, dat hij terug mocht komen en zo werd hij op 15-jarige leeftijd van het L.S.G.. Men plaatste hem in de 2e groep, waar hij in de winterwedstrijd 1925/1926 de 1e prijs behaalde.
Reeds in de volgende zomerwedstrijd werd hij tot de eerste groep toegelaten en
sindsdien won hij daar steeds de 1e prijs.
In 1926 won hij in de 1e klasse Bondswedstrijden van de N.S.B. met 3.5 uit 4 de eerste prijs. Verdere successen behaalde hij in het daarop volgende seizoen :
April 1927, eendaagse wedstrijd Haagsche Arbeiderschaakclub : eerste prijs met 3 uit 3
Mei 1927, wedstrijd om het districtskampioenschap van Zuid Holland, eerste prijs met 2.5 uit 3
Juni 1927, vierkamp te Leiden met Kleefstra, van Mindeno en Stam: eerste met 3 uit 3.